Deel I: psychiatrie
Omdat het verlofperiode is zijn blijkbaar de meeste artsen op vakantie, zodoende dat ik op de afdeling van mensen met een mentale beperking terecht gekomen ben (artsen op vakantie én ik was de enige van de drie studenten die daar stage lopen die het, uiteindelijk, aandierf om op deze afdeling te staan. De andere twee staan op "normale" psychiatrische afdelingen).
Ik ben toch tevreden met deze samenloop van omstandigheden. Mijn voornaamste bezorgdheid was of ik wel de kans zou krijgen typisch psychiatrische ziektebeelden, zoals schizofrenie, bipolaire stoornissen, depressies, autisme... te zien zou krijgen. Ik ken niks van mensen met een mentale beperking en vroeg me ook af of ik hier wel bruikbare meerwaarde aan zou hebben. Maar de afdeling waar ik op sta is een observatie afdeling, dat wil zeggen dat zij de mensen opvangen omwille van hun psychiatrische problemen, niet omwille van hun mentale beperkingen. Met als gevolg dat ik op twee dagen toch al redelijk klassieke dingen heb gezien, albeit in een andere populatie dan de doorsnee populatie. Maar ik vind het tof, nu kan ik me tenminste een beeld vormen van mensen met een mentale beperking! En alle indianenverhalen naar de prullenbak verwijzen.
De verpleegruimte waar de computers staan, waar alle meetings worden gehouden, ligt in de ruimte waar de patiënten verblijven. De deuren die toegang geven tot deze leef- en slaapruimte moet steeds op slot, wat wel wennen is. Deur ontsluiten, binnen gaan, deur op slot draaien. Ondertussen kijken een stuk of vijf patiënten je met argus ogen aan. Onwennig plakte ik aan de arts die ik moet volgen richting verpleeglokaal. Deze ruimte heeft ramen rondom, zodat patiënten kunnen zien wie er aanwezig is. De argus ogen bleven dus, echt wennen. Maar dan waren er een paar dapperen die zichzelf kwamen voorstellen wanneer ik weer naar buiten probeerde glippen, en ook vanmorgen kwamen ze in de loop van de ochtend één voor één binnen gesijpeld om te komen vragen wie ik was. Het komt dus wel goed, eens zowel zij als ik onze schuchterheid overwonnen hebben
Ik volg dus opnames, consultaties, ontslagen, teamvergaderingen... Al wat ik gezien heb van psychiatrie zit helaas al ver weg, en zelfs medicatie, wat ik drie keer opnieuw heb geleerd en nog maar afgelopen semester heb gezien, zit ver. Bovendien is alles overweldigend. Vandaag ben ik toch al iets minder uitgeput thuis gekomen dan gisteren.
Mijn dagen zijn "maar" 8 uur lang en ik moet geen wachten doen.
Ik hield vandaag in mijn achterhoofd dat ik dit, psychiatrische ziektebeelden herkennen, medicatie opstarten, effecten in de gaten houden, mensen opvolgen... van 's morgens tot 's avonds, min of meer zelfstandig moet kunnen op het einde van het jaar. Of toch minstens de halve dag. Nu, dat zie ik nu dus nog absoluut NIET zitten. Ik ben eens benieuwd naar de vooruitgang over een jaar... Het moet zo aangenaam zijn om niet om de vijf voet te gaan opzoeken over welk medicament ze het hebben of wat nu juist de typische kenmerken zijn van een bepaald ziektebeeld!
Ik ben toch tevreden met deze samenloop van omstandigheden. Mijn voornaamste bezorgdheid was of ik wel de kans zou krijgen typisch psychiatrische ziektebeelden, zoals schizofrenie, bipolaire stoornissen, depressies, autisme... te zien zou krijgen. Ik ken niks van mensen met een mentale beperking en vroeg me ook af of ik hier wel bruikbare meerwaarde aan zou hebben. Maar de afdeling waar ik op sta is een observatie afdeling, dat wil zeggen dat zij de mensen opvangen omwille van hun psychiatrische problemen, niet omwille van hun mentale beperkingen. Met als gevolg dat ik op twee dagen toch al redelijk klassieke dingen heb gezien, albeit in een andere populatie dan de doorsnee populatie. Maar ik vind het tof, nu kan ik me tenminste een beeld vormen van mensen met een mentale beperking! En alle indianenverhalen naar de prullenbak verwijzen.
De verpleegruimte waar de computers staan, waar alle meetings worden gehouden, ligt in de ruimte waar de patiënten verblijven. De deuren die toegang geven tot deze leef- en slaapruimte moet steeds op slot, wat wel wennen is. Deur ontsluiten, binnen gaan, deur op slot draaien. Ondertussen kijken een stuk of vijf patiënten je met argus ogen aan. Onwennig plakte ik aan de arts die ik moet volgen richting verpleeglokaal. Deze ruimte heeft ramen rondom, zodat patiënten kunnen zien wie er aanwezig is. De argus ogen bleven dus, echt wennen. Maar dan waren er een paar dapperen die zichzelf kwamen voorstellen wanneer ik weer naar buiten probeerde glippen, en ook vanmorgen kwamen ze in de loop van de ochtend één voor één binnen gesijpeld om te komen vragen wie ik was. Het komt dus wel goed, eens zowel zij als ik onze schuchterheid overwonnen hebben
Ik volg dus opnames, consultaties, ontslagen, teamvergaderingen... Al wat ik gezien heb van psychiatrie zit helaas al ver weg, en zelfs medicatie, wat ik drie keer opnieuw heb geleerd en nog maar afgelopen semester heb gezien, zit ver. Bovendien is alles overweldigend. Vandaag ben ik toch al iets minder uitgeput thuis gekomen dan gisteren.
Mijn dagen zijn "maar" 8 uur lang en ik moet geen wachten doen.
Ik hield vandaag in mijn achterhoofd dat ik dit, psychiatrische ziektebeelden herkennen, medicatie opstarten, effecten in de gaten houden, mensen opvolgen... van 's morgens tot 's avonds, min of meer zelfstandig moet kunnen op het einde van het jaar. Of toch minstens de halve dag. Nu, dat zie ik nu dus nog absoluut NIET zitten. Ik ben eens benieuwd naar de vooruitgang over een jaar... Het moet zo aangenaam zijn om niet om de vijf voet te gaan opzoeken over welk medicament ze het hebben of wat nu juist de typische kenmerken zijn van een bepaald ziektebeeld!
Reacties