Arts Specialist in Opleiding - Jaar 3, deel 1b: inwendige geneeskunde

De rat race ankert zich verder in mijn bestaan. Ik hunker naar intense afleiding tijdens weekends en vakantiedagen en begin me zo langzaamaan een losgeslagen projectiel te voelen.

De drie maanden spoed aan 60-uren-per-week zijn, natuurlijk, voorbij gevlogen. Het was één van de leukere spoeddiensten waar ik al heb gewerkt met een zeer tof team van verpleegkundigen en goed gevulde dagen. Na afloop kreeg ik een email van de baas met de uitnodiging deel te komen uitmaken van het vaste team op het moment dat ik afstudeer. Een mooi compliment (doch thanks but no thanks).

Na 3 maanden aan 60 uur per week startte ik op 1 augustus aan mijn drie maanden pediatrie aan 45 uur per week. Vrije weekends, naar huis om 17u30, altijd een supervisor om elke stap mee te overleggen. Wat een verademing. Het duurde echter niet lang of ik liep de muren op van verveling. Zomermaanden zijn niet de drukste maanden voor kinderartsen en de patiëntenhoeveelheid is maar zeer langzaamaan op gang gekomen. Ik heb desondanks wel alle basic skills geleerd over hoe kindjes in te schatten en te behandelen en ik heb mijn cursus Advanced Pediatric Life Support volledig kunnen leren tijdens mijn werkuren.

Begin september had ik verlof geboekt en beleefde ik zowel emotioneel als fysiek een zeer intense week in de Alpen. Op zo'n momenten vraag ik me steeds af waarom ik niet gewoon altijd dat leven kan leiden in plaats van terug te moeten naar mijn dagelijkse sleur. Toen is me ook serieuzer beginnen dagen dat ik misschien aanpassingsproblemen heb, gezien alle andere reisgenoten op het einde klaar leken om naar huis te gaan terwijl ik gewoon wou dat het nooit eindigde. Ik spendeerde de daaropvolgende weken in een waas, mijn best doende mijn gewone leven ook leuk te vinden. En vooral mijn doel niet te vergeten: een urgentie-arts worden met een 6-jarige opleiding ipv de 3-jarige opleiding akute bij defensie waarvan ik me alsmaar meer begin af te vragen waarom ik niet gewoon dat gekozen heb (deep down I know).

En dus ontvlucht ik verder de saaie weekdagen door mijn weekends zo interessant mogelijk te maken: gaan wandelen/klimmen in het laatste zomerse weekend, een trouw, een eerste halve marathon, een weekend bij een vriendin in Keulen, een weekend wandelen/kamperen in de regen maar desondanks zalig loskomen van de sleur... De vrije dagen die ik niet ingevuld krijg zijn dan de dagen waarop ik geconfronteerd word met mezelf. Gedwongen om gewoon thuis te blijven en daar oké mee te zijn. Waarom voelt dat toch steeds aan als een waste of time?

2 november (want 1 november was een feestdag, hoera!) begon ik dan aan mijn nieuwe rotatie in het "moederziekenhuis": het Universitair Ziekenhuis Antwerpen. Na dik 2 jaar in kleinere ziekenhuizen te hebben gewerkt komt dit grote instituut als een beetje afschrikwekkend over. Ik weet niet hoe ze werken, de verwachtingen lijken hoger te liggen, ik ken er mijn weg niet... Ik startte op de dienst cardiologie en kreeg gelijk de "adviezen"-telefoon in mijn handen geduwd die altijd lijkt af te gaan. Ik ben ook gebombardeerd als verantwoordelijke voor alle pre-operatieve adviezen op cardiologisch vlak, interpreteren van de stresstests, uitvoeren van de ajmaline-tests (diagnostiek voor Brugada-syndroom), nakijken en aftekenen van alle ECGs die er in het ziekenhuis genomen worden, opstellen van de bloedverdunnende medicatie-schema's voor de mensen thuis... Op dag 1 was er een ouderejaars assistent die me wat hielp. 's Avonds liet hij weten dat ik de volgende dag misschien iemand anders om hulp kon vragen. Gedurende twee dagen werd ik eerder ontweken door iedereen als die vreemde eend in bijt. Ik wist (en weet) niet wie er collega-assistenten zijn en wie supervisie want niemand stelt zichzelf voor (en ze lijken ook niet weten waar te kruipen als ik mezelf voorstel).
Waarom het soms zo moeilijk moet lopen snap ik niet... Naar het einde van de week toe zijn er toch wat collega's die wat los lijken te komen. Desondanks voelde elke "lukt het?"-vraag van hun nog als een "het interesseert me eigenlijk niet maar ik wil niet onbeleefd overkomen". Ik zit ondertussen in het "f*ck you all ik trek mijn plan wel"-stadium en hield mijn adem in tot dit verlengde weekend.
Ik ben er zeker van dat ik het wat zwartgalliger zie dan dat het echt bedoeld wordt, maar ik heb het weer even gehad.

Daar komen de vroege winteravonden ook nog eens bij. Een half uur naar huis fietsen in het stikdonker (want dat is het al om 18u) is echt belachelijk.
De winter blues. Ik probeer ze te bestrijden door mezelf te storten in fysieke trainingen voor God weet wat (mens sana in corpore sano?), oké te zijn met mijn eigen gezelschap en niet iedereen te stalken voor avonden en weekends uit.

Ik tel af naar mijn vrij jaar. Op 1 augustus zal ik een jaar lang mijn eigen tijdsindeling bepalen. Ik hoop door lang genoeg te ontsnappen aan alles wat me opgelegd wordt ik de dingen terug wat in perspectief kan plaatsen waarna ik klaar ben voor de laatste 3 jaar in rechte lijn uit te voeren.

En dan? Who knows!

Reacties

lentebloem zei…
Hoe gaat het eigenlijk met je mama? Woont zij nog steeds in Portugal? Ik heb mij al vaak afgevraagd hoe het met haar gaat...

Populaire posts van deze blog

December

Werkdag!

Ballonnetjes